Kabouters

Boeken

Van een kabouter die niet met vakantie wil – Rien Poortvliet
Pinkeltje in Madurodam – Dick Laan
Pinkeltje en het grote huis – Dick Laan
Kabouter kinderversjes – Rien Poortvliet
Kaboutertjes bestaan wel – Mirjam Mous
Prins Wipneus en zijn vriendje – B van Wijckmade
Wipneus en Pim in de zilveren raket – B van Wijckmade
Kabouter Thijm – Admar Kwant 

Versjes

Een kleine kabouter
Er was eens een kleine kabouter man,
die had een keurig rood jasje aan.
Hij woont in een huis, niet te klein niet te groot
De muren mooi wit en het dak helder rood.
Maar o, op een dag, wat een ongeluk
toen brak er dat hele kabouterhuis stuk.
O, arme kabouter, wat moest hij beginnen?
Gelukkig mocht hij bij de buren naar binnen.
Wat hebben zijn vriendjes toen voor hem gedaan?
Ze zijn een nieuw huis aan het bouwen gegaan.
Een prachtig nieuw huis, niet te klein, niet te groot.
De muren mooi wit en het dak helder rood.
Wat was ons kaboutertje vreselijk blij.
Een prachtig nieuw huis met een tuintje erbij.
O, jongens wat ben ik ermee in mijn schik.
Er is geen een kabouter zo blij als ik.

Liedjes

Onder hele hoge bomen
Onder hele hoge bomen in een groot kabouterbos
staat een heel klein aardig huisje zomaar midden op het mos.
‘k Zou er best in willen wonen, maar ik ben toch veel te groot.
’t Is gemaakt voor de kabouters met hun jas en mutsjes rood.
Als het ’s avonds donker wordt is dat helemaal niet naar,
want dan zitten de kabouters zo gezellig bij elkaar.
Ieder zit dan op een krukje met een kaarsje in zijn hand
en dan zie je alle lichtjes van kaboutersprookjesland.

Op een grote paddenstoel
Op een grote paddenstoel, rood met witte stippen.
Zat kabouter Spillebeen heen en weer te wippen.
Krak zei toen de paddenstoel, met een diepe zucht.
Allebei de beentjes, hoepla in de lucht.
Maar kabouter Spillebeen, ging toch door met wippen.
Op die grote paddenstoel, rood met witte stippen.
Daar kwam vader Langbaard aan en die zei toen luid:
‘Moet dat stoeltje ook kapot? Spillebeen, schei  uit!’

Pasen

Boeken

Kom uit het ei, kleintje – Shen Roddie
Drie ei is een paasei – Carry Slee
Op weg naar Pasen – Susie Poole
Piep, het is Pasen! – Liesbet Slegers
Waar zijn de paaseieren – Christina Kadmon en Udo Weigelt
Het ei – Dick Bruna
Dottie’s kuikens – Julie Sykes & Jane Chapman
Lentekriebels – Jung Hee Spetter
Liselotje en het paasfeest – M. Busser
Vrolijk Pasen Paultje – Eve Tharlet
Het mooiste paascadeau – Nancy E. Walker-Guye

Liedjes

Gekleurde eitjes en een haas – Het grote liedjesboek

De paashaas heeft een mandje – Het grote liedjesboek

Drie ei is een paas ei

Ik zag twee hazen
Ik zag twee hazen, vlak voor pasen,
zitten in een weiland. Met een mand vol eitjes,
vlug aan ’t verven met zijn beidjes.
Kijk eens hier, kijk eens daar.
Nu zijn alle eitjes klaar.
(op de melodie: zag twee beren)

Versjes

De paashaas
De paashaas heeft nu veel te doen
Hij verft de eitjes rood en groen
Een streepje hier, een stipje daar
Dat wordt prachtig, reken maar !

Honderd kleine haasjes
Er huppen honderd kleine haasje met een mandje in het rond
en ze leggen waar ze komen steeds een eitje op de grond
Bij de vijver, bij het schuurtje op het gras en bij de heg
maar als ze mensen aan zien komen rennen alle haasjes weg
Honderd kleine lieve haasjes met een mandje op hun rug
en zijn de mensen weer verdwenen komen alle haasjes terug.

De paashaas heeft het druk
De paashaas heeft het druk met al die eitjes hij heeft er nog wel honderd in zijn mand.
Hij werkt zich suf om alles te verstoppen en reist nu alweer dagen door het land.
Hij brengt ze weg naar Amsterdam en Laren soms ééntje – maar zo af en toe wel tien.
Hij zal echt blij zijn als het feest voorbij is dan kan hij maandenlang geen ei meer zien.

Knutselen

Paaseieren

  • Grijze klei
  • Deksel van een kleine eierdoos
  • Stro
  • Acrylverf

Laat de kinderen eieren kleien en laat ze een weekje drogen. Schilder de eieren en deksels met de acrylverf en laat het weer drogen. Stro en eieren in het bakje en klaar ben je.

Paashaas

  • Bruine vouwblaadjes
  • Groen achtergrond papier
  • Gekleurd papier voor de aankleding

Laat de kinderen 6 vliegersvouwen en opplakken zoals te zien is op de foto. Kleed het geheel aan met eieren en bloemen.

 

 

 

Paashaas 2

  • Bruine vouwblaadjes
  • Groen achtergrond papier
  • Gekleurd papier voor de aankleding

Laat de kinderen twee vliegers vouwen en opplakken zoals hiernaast te zien is.

 

 

 

 

 

Eierdopje van twee kippen

  • Karton
  • Gekleurd sits papier
  • Een half wc rolletje
  • Mal

Trek de mal over op het karton en laat de kinderen het dubbel uitknippen/prikken. Nu mogen de kinderen met stukjes gescheurd sits papier de kippen inplakken. Let op dat ze de goede kant beplakken. Laat de kippen drogen en niet er zelf het halve wc-rolletje tussen.

Paaseieren bestempelen met kurk

  • Karton
  • Verf
  • Verschillende kurken
  • Evt. crêpe papier voor de strik

Teken een ei voor op karton. Laat het uitknippen en instempelen met verschillende patronen. Laat het ei goed drogen en doe dan ook de andere kant. Niet er een grote strik op en het ei is klaar.

Ei met kuiken

  • Wit en geel karton
  • Splitpen
  • Mal

Teken op het witte papier een ei met een barst. Laat het ei uitknippen en de barst ook. Je hebt nu twee halve eierschalen zet die links of rechts vast met de splitpen zo dat het ei open en dicht kan. Teken op het gele karton een kuikentje voor (alleen het hoofd is genoeg) en plak het koppie aan de achterkant. Wanneer het ei open gaat komt het koppie te voorschijn.

Gevlochten mandje

  • Stevig karton
  • Vlechtstroken

Teken op stevig karton een mandje voor. Laat de kinderen het mandje uitknippen en de streepjes uitprikken. Vlecht nu een voor een de verschillende stroken door het mandje. Plak het mandje rond. Knip de onderkant in en plak er een bodem onder. Nu nog een hengsel en wat vulling er in.

Gevlochten eieren

  • Stevig karton
  • Vlechtstroken
  • Crêpe papier

Teken een ei voor en laat hem uitknippen. Vouw het ei dubbel en knip hem in. Vouw het ei weer open en vlecht een voor een de stroken er door heen. De stroken kunnen evt. vast gezet worden met wat lijm. Maak nog een strik van crêpe papier en hang het ei op.

 

 

Versierd ei met trap

  • Wit stevig papier
  • Potloden/stiften
  • Verf
  • Gekleurd papier

Teken een ei voor met raampjes er in en laat het ei uitknippen en de raampjes uitprikken. Laat het ei versieren met potlood, stift, papier, etc.

Kuikentjes in nest

  • Eierdoos per kind
  • Gekleurd papier
  • Stro
  • Verf

Knip de deksel van de eierdoos en laat die schilderen als basis van het nest. Knip uit de eierdoos ook twee of drie eierhouders en laat die beschilderen met gele verf. Wanneer de verf droog is kunnen er vleugels, oogjes en een snaveltje opgeplakt worden.Dit zijn de kuikens. Vul de basis met stro en zet de kuikens er in.

 

Lente

Boeken

Kom uit het ei, kleintje – Shen Roddie
Lekker lente – Vivian den Hollander
Jules in de lente – Annemie Berebrouckx
Met zonder jas – Carry Slee
Dottie’s eieren – Julie Sykes en  J. Chapman
Dottie’s kuikens – Julie Sykes en  J. Chapman
Versjes en liedjes voor de kleintjes – Marianne Busser en Ron Schröder
Liselotje en het paasfeest – Marianne Busser en Ron Schröder
Drie ei is een paas ei – J. Vriens

Liedjes

Een koetje en een kalfje
Een koetje en een kalfje stonden in de wei.
Toen kwam er een heel dik varkentje voorbij,
dat zei dat zei geef dat kalfje maar aan mij.
Nee zei de koe boe boe boe.
Nee zei de koe boe boe boe.

Lammetje, Lammetje
Lammetje, lammetje, lammetje
Kom er eens over mijn dammetje.
Lammetje zoet lammetje klein,
wil je wel mijn vriendje zijn?

Versjes

Lief klein knopje
Lief klein knopje niet meer slapen want de lente komt er aan.
Lief klein knopje kijk de zon eens stralend aan de hemel staan.
Lief klein knopje ga maar open hoor het bijtje zoem, zoem, zoem.
Lief klein knopje ga maar open wordt een schitterende bloem!

Kom maar, klein vogeltje
Kom maar klein vogeltje kom uit je eitje, straks wordt het zomer dus kom nu maar gauw.
Je papa en mama gaan voor je zorgen, ze zoeken al graantjes en wormpjes voor jou.

Kippetje Ukke Puck   
Kippetje Ukke Puck heeft het altijd druk.
Op maandag moet ze dweilen
Op dinsdag moet ze nageltjes veilen
Op woensdag moet ze wormpjes bakken
Op donderdag moet ze houtjes hakken
Op vrijdag moet ze kuikentjes voeren
Op zaterdag moet ze kippenpap roeren
Alleen op zondag heeft ze vrij
Dan legt ze een gespikkeld ei.

Het eendje
Eentje in het gras eentje in de plas, eentje op de vlucht,
eentje in de lucht, op het water een heleboel, weet je al wie ik bedoel?

Knutselen

Vogelnestje van klei en takjes

  • Grijze klei
  • Stro
  • Acryl verf

Laat de kinderen eerst een kip kleien en daarna een nestje waar de kip op past. In een nest horen natuurlijk ook eieren en wat stro. Het stro kun je er het beste een beetje in duwen/plakken wanneer de klei nog nat is. Wanneer de klei gedroogd is (na een weekje) kunnen de kinderen de kip en de eieren schilderen met acryl verf.

Lammetje met watjes en strik

  • Stevig wit papier
  • Een mal
  • Lintjes
  • Witte watten

Teken van te voren de lammetjes op het witte papier. De kinderen kunnen nu de lammetjes/schaapjes meteen uitprikken. Wanneer de kinderen klaar zijn met het prikken kunnen ze er witte watten opplakken. Het is verstandig om de lintjes zelf te knopen.

Lente schilderij

  • A3 papier wit
  • Acryl verf
  • Gekleurd papier (bloemen)

Laat de kinderen een wit blad beschilderen met verschillende kleuren groen zodat er een gras veld ontstaat. De kinderen mogen daarna zelf een schaap met lam tekenen op wit papier en dat uitknippen en op het groene blad plakken. Bloemen maken het geheel af.

Een koe

  • Zwart/wit sitspapier
  • Groen A3 papier
  • Mal van een koe
  • Bloemen plakkertjes

Teken van te voren de koeien op het groene A3 zodat de kinderen ze alleen nog in hoeven te plakken met gescheurde stukjes papier. Wanneer dat klaar is kunnen de kinderen nog bloemen plakken in het veld.

Eend met pulletjes

  • Gele vouwblaadjes
  • Blauw A4 papier
  • Rood papier (snavels)
  • Groen (gras)
  • Blauw (golven)
  • Het boek vouwen met peuters en kleuters deel 4

Laat de kinderen eerst de eendjes vouwen en daarna op het blauwe a4 plakken. Kleed het geheel aan met gras en golfjes. Voor de ogen kun je standaard plakkertjes gebruiken.

Kuiken

  • een grote en een kleine gele cirkel
  • rood/oranje papier voor de snavel en poten
  • groen A4 papier
  • geel vouwblaadje
  • een zwart plakkertje

 

Vouw samen met de kinderen een vlieger voor de vleugel. Laat de kinderen daarna naar eigen inzicht het kuiken plakken.

Kleuren

Boeken

Beertje Bij kleurt alles – M. Praagman
Slaap lekker, vlinders – Dawn Bentley
Klein wit visje – Guido van Genechten
Hennie de heks – K. Paul & Valerie Thomas
De kakelbonte kameleon – Eric Carle
Grijsje – Anke de Vries
Onze wereld is bont ! – Stocklin-Meier & S. Stocklin-Meier
Mooie kleuren, Muis – Lucy Cousins
Nellie en Cezar kleuren leren – J. van Coillie & Ingrid Godon
Wat zit er in een regenboog? – Betty Ann Schwartz

Versje

Hocus pocus met wat franje,
rood en geel wordt oranje,
Hocus pocus met een zoen,
blauw en geel wordt groen
Hocus pocus met wat raars,
blauw en rood wordt paars

Liedjes

Groen is ’t gras Groen is ’t gras Onder mijne voeten.
Ik heb verloren m’n beste vriend Ik zal hem zoeken moeten.
Hé daar plaatsgemaakt voor de jongedame.
En de koekoek op het dak Zingt z’n lied op zijn gemak.
O mijn lieve Augustijn Deze dame zal het zijn.
Groen is ’t gras Groen is ’t gras Onder mijne voeten.
Ik heb verloren m’n beste vriend Ik zal hem zoeken moeten.
Hé daar plaatsgemaakt voor de jongedame.
En de koekoek op het dak Zingt z’n lied op zijn gemak.
O mijn lieve Augustijn Deze dame zal het zijn.

Knutselen

Waterverf schilderij

  • Waterverf
  • Kwastjes
  • Mooi stevig wit a3 papier

Leg eerst goed uit hoe het schilderen met waterverf in z’n werk gaat, want het werkt heel anders dan de gebruikelijke verf. Geef de kinderen daarna een speciale opdracht of laat ze naar eigen inzicht schilderen. Wanneer ze het voor de eerste keer doen is het wel zo slim om ze lekker te laten expirimenteren.

Toveren met kleuren 

  • Grote witte koffiefilters
  • Viltstiften (niet watervast)
  • Water

Laat de kinderen met de primaire kleuren geel, rood en blauw op het filter tekenen en druppel er daarna water op. Laat het filter drogen. Er kunnen verschillende dingen worden gemaakt van het filter. Bloemen, raamdecoratie of vlinders.

Vlinders

  • Gekleurd A4 papier
  • Acryl verf
  • Voorbeeld van een vlinder

Laat de kinderen een halve vlinder schilderen op een a4 en vouw als de verf nog nat is het a4 dubbel. Er ontstaat een symmetrische vlinder, die evt. aangekleed kan worden met glitters, voelsprieten, oogjes en pootjes.

Vlindermasker

  • Mal van een vlindermasker
  • Wasco
  • kleurpotloden
  • Elastiekjes 2 pp

Geef de kinderen een voorgetekend masker van een vlinder laat ze het zelf uitknippen/prikken en inkleuren met wasco of potlood.

Mandela

  • Verschillende mandela’s
  • Kleurpotloden
  • Gekleurde papieren cirkels
  • Lint

Laat de kinderen de mandela heel mooi inkleuren en uitknippen en op een gekleurde cirkel plakken. Met een mooi lint er aan kunnen ze voor het raam opgehangen worden.

Windmolentje

  • Vierkant stuk stevig papier (2 kleuren op elkaar is ook erg leuk)
  • Speld
  • Stokje
  • Kleine kralen
  • Schaar

Neem het papier en vouw dat dubbel. Doe dat nog een keer zodat er een kleiner vierkant ontstaat. Knip nu in de hoek waar de vier eerste hoekpunten zitten, diagonaal zo’n 3/4 door alle blaadjes. Alleen in het midden blijft dus nog een stuk over. Zie het blauwe lijntje op de tekening aan de linkerkant. Vouw het papier weer open en breng alle vier de hoekpunten één voor één naar het midden.En steek dan door het middelpunt een speld met een beetje dikke kop.

Kleurentol

  • Een deuvel (houtje)
  • Reepjes papier
  • Gekleurd karton
  • Wit papier

Zorg dat je van de kartonnetjes 1 grote en 1 kleine cirkel knipt en van het papier een aantal cirkels die even groot zijn als de grootste kartonnen cirkel. Maak van de papieren cirkels een mooi kleurig geheel. Alle cirkels moeten een gaatje in het midden hebben ter grootte van de deuvel. Het reepje papier plak je strak midden om de deuvel, zodat er een randje ontstaat. Daar leg je eerst de grote kartonnen cirkel op, dan de versierde cirkel(s) en eventueel als laatste de kleine cirkel (welke misschien niet eens nodig is…). Al doe je maar 2 kleuren, bv. geel en blauw, dan wordt de tol zowaar groen!

Mozaiëk kunstwerk

  • Oude tegeltjes in verschillende kleuren
  • Stukje hout (hard boord)
  • Tegellijm
  • Voegmiddel
  • Hamer
  • Patroon

Sla met de hamer de tegeltjes in verschillende stukjes. Zorg er wel voor dat de tegeltjes in een zak of in een handoek zitten ivm splinters. Teken een patroon op het boord en leg de stukjes tegel uit. Wanneer alles past lijm je de stukjes een voor een vast met de tegellijm. Laat de lijm goed uitharden. Voeg daarna de naatjes netjes dicht. Het is ook erg leuk om met de hele klas een gezamelijk kunstwerk te maken.

Wonen

Boeken

Het huis van Barbapapa – Tison & Annette Tison
Het huis van Nijntje – Dick Bruna
Pinkeltje en het grote huis 05 – Dick Laan
Mejuffrouw Muis en haar heerlijke huis – Elle van Lieshout & Erik van Os
Bas en Brit / Opa zoekt een huis – M. van Gog
Huis vol dozen – Vivian den Hollander & Dagmar Stam
Muis zoekt een huis – Petr Horácek
Kijk, mijn huis – Hanneke de Jager & Jantien de Jager
Welk huis is van Muis ? – Lucy Cousins
Wij bouwen een huis – Angelika Wolk

Versjes

Bob de Bouwer
Bob de Bouwer is heel sterk, van het vele harde werk.
Hij moet hoge huizen bouwen, en met zware stenen sjouwen.
1 en 2 en op elkaar, kijk ons huisje is al klaar
Bob de Bouwer is heel sterk, van het vele harde werk.
Hij moet hoge huizen bouwen, en met zware stenen sjouwen.
Eén en twee, en op elkaar. Kijk ons huisje, is al klaar.

Allemaal kamertjes
In ieder huis zijn kamertjes, kom, kijk maar even rond.
De zolder die zit bovenaan de kelder in de grond.
De keuken en de woonkamer de slaapkamer met bed.
Alleen het kleinste kamertje is af en toe bezet.

Een droompaleis
De vogeltjes hebben een nest in een boom.
De muisjes een hol in de grond.
De haas heeft een kuiltje, gewoon in het veld.
De slak draagt zijn huis liever rond
Een pissebed zit ergens onder een steen.
Een spinnetje woont in een web, maar zie ik hun huisjes,
dan vind ik meteen dat ík een echt droompaleisje heb!

Bouwen met blokken
Ik heb een doos vol blokken waar ik vaak mee speel.
Ik bouw er leuke dingen van bijvoorbeeld een kasteel.
Zodra ik ’s morgens wakker word ga ik aan het werk
en bouw een mooie boerderij een huisje of een kerk
en soms bouw ik een toren maar is die bijna klaar
dat stort hij als ik even stoot in 1 keer in elkaar!

Uit “Het grote versjesboek” van Marianne Busser en Ron Schröder

Liedjes

In Holland staat een huis

Eikenboom in Laren

Knutselen

Huizenrij

  • Engelskarton
  • Vliegerpapier
  • Kleurpotloden

Teken voor alle kinderen een huis op engels karton en laat het uitknippen. Teken ramen en deuren en laat die uitprikken. Plak achter de ramen en deuren vliegerpapier. Laat de kinderen de huizen verder versieren. Plak alle huizen naast elkaar op het raam. Zo ontstaat er een straat. Nummer de huizen gezamenlijk bijvoorbeeld tijdens een kringgesprek.

Kijkdoos

  • Schoenendoos
  • Vliegerpapier
  • Behang
  • Stofjes
  • Woontijdschriften
  • Evt een kleurplaat met meubels

Versier de binnenkant van de doos met behang en stukjes stof. Prik een kijkgat in de korte kant. Laat uit tijdschriften meubels knippen en op karton plakken. Er kan ook een kleurplaat gebruikt worden. Plak deze dan na het inkleuren op stevig karton en knip de meubels uit. Plaats de meubels in de kijkdoos. Plak de kijkdoos aan de bovenkant dicht met vliegerpapier.

Droomhuis tekenen

  • Tekenpapier A3
  • Kleurpotloden

Start met een gesprek of verhaal over droomhuizen. Laat daarna de kinderen aan het werk gaan. Probeer om het hele papier te gebruiken.

Plattegrond maken

  • Behang
  • Plakkaat verf
  • Vouwblaadjes
  • Knutselpapier

Teken op 2 aan elkaar geplakte stukken behang een plattegrond. Laat dit inschilderen door de kinderen. Vouw verschillende huisjes van 16 vierkantjes. Zet de huisjes op de plattegrond. Versier met bomen, stoplichten, etc.

Koekhuis bouwen

  • Koekhuis van Ikea

In de verpakking staat precies wat je moet doen om een mooi koekhuis te bouwen. Het kan natuurlijk ook zonder pakket. Gebruik dan speculaasjes en lijm gemaakt van poedersuiker en water. Versier met slagroom, smarties en andere kleine snoepjes.

Mozaïek

  • Houten of stenen mozaïek blokjes
  • Stevig karton
  • Lijm
  • Wasco
  • Witte watten

Laat de kinderen naar eigen inzicht een huis plakken van de mozaïek. Als de lijm droog is kunnen de kinderen een tuintje tekenen met wasco. Een plukje watten als rook uit de schoorsteen.
Naambordjes

  • Houten plankjes
  • Verf (plakkaat)
  • Blanke lak (spuitbus)
  • Ophang haakjes

Schrijf met potlood de naam van het kind op het houten plankje. Het kind mag nu met verf de naam overtrekken en het bordje versieren. Als de verf droog is kun je er met blanke lak overheen, want daar gaat het mooi van glimmen. Plak aan de achterkant een ophang haakje.

Lichaam

Kringactiviteiten

Wie heb ik in gedachten?
De leerkracht neemt een kind in gedachten. De kinderen mogen vragen stellen om te kijken wie het is. Ze mogen bijvoorbeeld vragen: is het een jongen of een meisje? De leerkracht kan ook zeggen: ik ken een kind, hij heeft zwart haar, etc.

Rijmen met lichaamsdelen
Ik stoot mij aan een steen, nu heb ik last van mijn … (been)
Ik doe mijn handen eerst omhoog, en wijs daarna naar mijn … (oog)
Ik zwaai met mijn hand, in mijn mond zit een … (tand)

Ik heb zo’n jeuk!
Een kind wordt omgetrokken op een stuk behangpapier. Dat papier hangt bij de kring. De juf zegt nu: dit kind heeft jeuk aan zijn… schouder. Eén van de kinderen moet dan de schouder aanwijzen.

Wie is het grootst in de klas?
Eerst proberen de kinderen een antwoord op deze vraag te vinden. Hoe komen we daar nu achter? (de kinderen kunnen met de rug tegen elkaar gaan staan.) Later kunnen alle kinderen gemeten worden op een meetstrook. Begrippen: groot, klein, groter, kleiner

Beweging

Dit-kan-ik-al-circuit
Maak in het speellokaal een circuit, waarin de kinderen kunnen laten zien wat ze al kunnen. Bijvoorbeeld:
– Een aantal hoepels achter elkaar. Hoe ver kunnen de kinderen gooien met een pittenzak? Hoe verder, hoe meer punten.
– Hoe hoog kun je klimmen in het wandrek? (niets hoeft en alles is goed)
– Kun je balanceren over een bank die op de kop staat? (ernaast zet je een bank rechtop, zodat kinderen die het niet durven/kunnen daar wel succes kunnen behalen).
– Kun je een ring overgeven met stokken? Eén kind steekt de stok door de ring. Een ander kind probeert de ring met de stok over te nemen en door te geven.
– Geef een bierviltje door zonder je handen te gebruiken (door het bierviltje tussen je lippen te klemmen. Zorg voor schone bierviltjes, in verband met kwijlende kleuters, hahaha)

Boeken

En dun, dik en anders – E. Brownjohn
Goedemorgen, meneer Stukjes – H. van Rossum
En ik, en ik en ik – E. Damon
Billen buikje benen –  Betty Sluyzer
Kijk mij nou! – M. Baseler

Versjes

Naar bed, naar bed
Naar bed, naar bed, zei Duimelot.
Eerst nog wat eten, zei Likkepot.
Waar zal ik het gaan halen, zei Lange Jan.
Uit grootmoeders kastje, zei Ringeling.
Dat zal ik verklappen, zei ’t Kleine Ding.

Mijn hand
Hier is mijn hand, met 5 vinger eraan,
die allemaal recht op een rijtje staan.
5 vingers hier, 5 vingers daar,
10 broertjes en zusje zijn hier bij elkaar.

Naar bed
Schone handjes schone tandjes schoon gezicht,
de dag gaat dicht uit is het licht.
Hallo, zegt het bed ‘Ben je daar weer?’
Want ik dacht net, jij komt niet meer.
Kom er maar lekker onder gekropen,
morgen vroeg gaat er weer een dag open.

Zwaaien
Dit is mijn arm, dat is mijn been,
dit is mijn hand, dat is mijn teen.
Zo kan ik huppen en draaien…
en met mijn armen zwaaien.

Dit ben ik
Dit zijn mijn wangetjes en dit is mijn kin,
dit is mijn mondje met tandjes erin.
Dit zijn mijn oogjes, mijn oortjes, mijn haar.
Nu nog mijn neusje, en dan ben ik klaar.

Rode vlekjes
Rode vlekjes, he wat gek,
op mijn neus en in mijn nek.
Op mijn buik en op mijn been,
op het puntje van mijn teen.
En kijk ook eens op mijn rug
rode hond naar bed en vlug.
Even ziek zijn is best leuk,
ook al heb ik wel wat jeuk!

Handjes wassen
Handjes wassen, wat een pret!
Juf heeft alles klaar gezet.
Met mijn handjes wrijf ik flink,
duimpje, vingertjes en mijn pink.
Mooi gewassen, ik ben klaar
en de handdoek die ligt daar.

Je hebt twee ogen
Je hebt twee ogen om te kijken, twee oren om te horen.
Je mond is om te eten daarom zit ie ook van voren.
Dan heb je nog je nek en je buik en je kont,
daaronder zijn je benen met je voeten op de grond.

Mijn spiegel
Ik heb een spiegel in mijn hand,
en iemand lacht naar mij, heel charmant.
Maar wie kijkt er  toch zo naar me, met zo’n blik ow,
maar wacht eens even, dat ben ik.
Mijn spiegel heeft een handvat en is rond.
Als ik er in kijk zie ik mijn neus m’n ogen en m’n mond.
Wil jij ook eens even zien?
Kijk maar in mijn spiegel dan zie je het misschien.

Liedjes

Hoofd, schouders, knie en teen.

Opa bakkebaard
Opa Bakkebaard heeft een huisje En in dat huisje daar is het goed Opa Bakkebaard is aan ’t werken En weet jij wel wat hij doet? Hij veegt de vloer, met een bezem, met een bezem Hij veegt de vloer, zo veegt hij de vloer

Knutselen

Portret met zelf gemaakte fotolijst

Omtrekken van een kind op behang.

Trekpop versieren

Handen of voeten omtrekken

Een afdruk maken in klei of gips

Gezicht plakken met sits papier

Baby

Baby in de klas

Dit thema wordt meestal gedaan wanneer er een babybroertje of babyzusje is geboren en het zou erg leuk zijn als de moeder het kind zou komen laten zien in de klas. Misschien kunnen de kinderen kijken hoe het kind in bad gaat of hoe het verschoont wordt.

Boeken

Hallo baby! – Carry Slee
Liselotje krijgt een zusje – Marianne Busser en  Ron Schröder
Kleine Huppel krijgt een zusje – A. de Petigny
De buitelende baby in mama’s buik – T. Svenssons
Hoera, er komt een kindje bij – Marianne Busser en  Ron Schröder
Kleine Pluis – Dick Bruna
Robin en Knor – Sjoerd Kuyper 

Liedjes

In het grote Liedjesboek staat: Baby’tje blz.54

Versjes

De baby
We hebben thuis een baby’tje met kleine roze handjes
en als het lacht, dan kijk je in een mondje zonder tandjes!
Wat gek, denk ik dan telkens weer, die tandjes zijn vergeten.
Het moet wel heel erg lastig zijn….. Om zo je brood te eten!!!!

Dikke buik
De buurvrouw krijgt een dikke buik, ik zie al een beginnetje.
Er komt dus straks een kindje bij, een vriendje of vriendinnetje
Nog wel wat maandjes wachten dan is het kindje klaar.
Ik hoop dat het straks sproetjes heeft en krullen in het haar.
De buurvrouw krijgt een dikke buik ik zie al een beginnetje
Er komt dus weer een kindje bij met zo’n neusje en kinnetje
Twee kleine zachte handjes die zwaaien als ik roep.
Een mondje zonder tandjes en luiers vol met p…

Knutselen

Een beschuitje

  • Grijze klei
  • Blauwe en roze muisjes

Laat de kinderen van de grijze klei ronde beschuitjes kneden. Bestrooi de beschuitjes met de muisjes en laat de beschuitjes drogen. Makkelijker is om een beschuitje van papier te maken.

Een kinderwagen

  • Stevige kartonen cirkels
  • Rietjes
  • Wc-rolletjes

Laat de kinderen de cirkel doormidden knippen en laat hem op elkaar plakken zodat er een wagen ontstaat. Plak een afgeknipt rietje op als duwstang en maak van een wc rolletje twee wielen waar de kinderwagen op staat.

Slabbetjes

  • Stevig karton
  • Naalden
  • Verschillende kleuren wol

Laat de kinderen de slabbetjes langs de rand borduren/versieren met de wol. De kinderen kunnen de slabbetjes zelf uitknippen, maar daardoor wordt het borduren wel lastiger.

Sokjes

  • Gekleurd karton
  • Wol

Laat de kinderen de voorgetekende sokjes uitknippen en beplakken met verschillende kleuren wol. Een goede veterles sluit heel goed aan bij deze knutselactiviteit.

Fotolijstjes

  • Zwartkarton
  • Macaroni
  • Gouden of zilveren verf
  • Babyfoto’s van de kinderen

Laat alle kinderen een  babyfoto meenemen. Trek de foto om op het zwarte papier en laat de kinderen de lijst versieren met de al geverfde macaroni. Het is ook mogelijk om eerst te lijmen en daarna te schilderen. Let er wel op dat de ouders erg zuinig zijn op de foto dus zorg dat die onbeschadigd weer terug gaat.

Geboorte kaartjes

  • Stevig papier 
  • Stempels 
  • Materiaal om mee te versieren

Laat de kinderen op de voorgesneden kaartjes hun eigen naam stempelen en laat ze daarna het kaartje versieren.

Ziekenhuis

Versjes

Beer is ziek
Beer wat zit je toch te hoesten, kom ik maak een drankje klaar.
Eerst wat stukjes drop met water en dan even schudden maar.
Ik zal je een wollen doek ombinden. Kom, in bed zal het beter zijn.
Ga nu maar lekker slapen, straks breng ik je weer medicijn.

Een bos bloemen voor Peter
Petertje ligt in zijn bed, hij heeft pijn in zijn buik gekregen;
en weet je, hoeveel koorts hij had? Wel acht en dertig negen!
Teken eens wat bloemetjes voor die arme Peter?
Zet ze in een grote vaas, dan wordt hij vast gauw beter.

De schooldokter
Doe je linkeroog maar dicht kun je goed zien?
Hoeveel vingers steek ik op? vier, acht of tien?
Nu alle twee je ogen dicht sst, allemaal stil…
Wat hoor ik daar? wie geeft daar een gil?
De schoolarts kijkt hoe lang je bent en ook hoe zwaar,
en vraagt: Eet je goed en slaap je goed? Nu is de schoolarts klaar!

Boeken

Als mama ziek is – G. Bruinooge
Nijntje in het ziekenhuis – D. Bruna
Naar het ziekenhuis – A.Debaene
Muis in het ziekenhuis – L. Cousins
Bobby is ziek – Ingeborg Bijlsma
Pleister erop! -Wilcox, Leigh Attaway
Het been van Heleen – C.Kliphuis.
Floddertje, Moeder is ziek – Annie M.G. Schmidt
Een bed op wieltjes – D. Stam & F.Oomen
Beer is ziek – K.V. Wilson 

Liedjes

Altijd is Kortjakje ziek  

Spelletjes

Zakdoekje leggen

Knutselen

Pillen maken van brooddeeg

  • 500 gram meel
  • 100 gram zout
  • water naar eigen inzicht
  • verf  in verschillende kleuren

Bespreek van te voren met de kinderen wat pillen zijn en waarvoor ze kunnen dienen. Laat de vele verschillende kleuren en vormen zien die mogelijk zijn. Maak het brooddeegmengsel en verdeel het over de kinderen. Geef ze niet te veel, want dan zijn ze uren bezig. Laat de kinderen hun eigen pillen draaien. Het kost veel tijd als je ze gewoon wil laten drogen. Het is handiger om ze 40 minuten in de oven op 160 graden te bakken. Voor een nog mooier resultaat kunnen de pillen beschilderd worden met gewone acyl verf.

Een dokterskoffertje

  • stevig rood,wit of oranje papier
  • wit papier voor het kruis
  • werkblad of voor getekende instrumenten

Teken een koffer voor als mal en trek die om op dubbel gevouwen papier voor de kinderen. Neem stevig rood, oranje of wit karton en laat de kinderen de voorgetekende koffer uitknippen en het handvat uitprikken. Zorg voor voorgetekende spulletjes die in de koffer kunnen. Gebruik bijvoorbeeld een werkblad waar ze uit mogen knippen. Zelf laten teken kan natuurlijk ook.

Beterschapskaarten maken

  • stempels
  • verschillende kleuren stevig papier
  • voorbeeld woorden

Snijd verschillende kleuren en maten kaarten voor en laat de kinderen naar eigen idee versieren. Geef de mogelijkheid om er iets in te laten stempelen. Zorg dat je een voorbeeld hebt zodat ze het woord goed kunnen over stempelen. Beterschap bijvoorbeeld.

Fruitmand (gescheurde stukjes papier)

  • A3 papier wit
  • oude tijdschriften

Neem een vel A3 papier en teken daar een fruitschaal op voor en laat hem inplakken met tijdschriftenpapier. Het resultaat zal mooier worden wanneer het door twee kinderen gedaan wordt. Ze helpen en motiveren elkaar om het beter te doen.

Ziekenauto knutselen van kosteloos materiaal

  • een ambulance als voorbeeld
  • doosjes
  • wit en gekleurd papier
  • potloden

Leg vele verschillende materialen klaar waar kinderen zelf uit kunnen kiezen. Zet een ambulance neer als voorbeeld en laat de kinderen hun eigen fantasie gebruiken.

Fruitmand (geschilderd)

  • wit A3 papier
  • verf
  • fruitschaal als voorbeeld

Teken alleen de schaal voor op A3 papier (kan ook gekleurd papier zijn) en laat de kinderen hem verder invullen. Zorg wel dat ze een goed voorbeeld hebben, het liefste een echte fruitmand die besproken is in de klas.

Ziekenauto schilderen

  • A4 papier
  • verf

Geef de kinderen een A4 papier (blauw steekt mooi af) en laat de oudste kinderen zelf een ambulance schilderen. Voor de jongste is het misschien handig om de auto voor te tekenen.

Ambulance tekenen met krijt

  • donker papier
  • bordkrijt in verschillende kleuren
  • voorbeeld van een ambulance

Laat de kinderen een ambulance zien en praat er over. De kinderen mogen zelfstandig een ambulance tekenen met krijt. Zorg er voor dat vooral de zwaailampen benadrukt worden.

Brandweer

Inleidend gesprek
Om een beetje in de sfeer van de brandweer te komen is een inleidend gesprek aan de hand van een poster of plaat altijd een goede binnenkomer. De kinderen kunnen al een beetje gaan “brainstormen”over wat er bij hoort, wat de brandweer doet enz. Ook een inleiding aan de hand van een prentenboek is erg leuk en uitdagend.

Woordweb
Het is goed voor de woordenschatontwikkeling om met de kinderen een woordenweb te maken op een grote plaat of op het bord, natuurlijk maken de kinderen de tekeningen en schrijf jij de woorden erbij. Hierop kunnen “dingen”van de brandweer komen. Je zou ook bijvoorbeeld een woordenweb kunnen maken over wat de brandweer allemaal gebruikt.

Boeken

Varkentje Jan als brandweerman – Christyan en diane Fox
Vijf brandweermannetjes – Marguerite Burn en Margaret Wise Brown
Blitse brandweerwagens – Tony Mitton en Ant Parker
Mijn kleine brandweerauto
Brandweer, (meer een kijkboek) – judith Nieken
Piro en de brandweer – Kurt Baumann, jiri Bernard
De brandweer – Peter Spier
Fikkie de brandweerhond – James Drummond
Kummeling wordt brandweerman – Chizuko Kuratomi
Brandweerauto’s en andere reddingsvoertuigen- Jeroen Vredenburg (platenboek)
Snuffie en de brand – D. Bruna 

Liedjes

Op de melodie van 1,2,3,4 hoedje van papier
Eén, twee, drie, vier, brandweerman, brandweerman.
Eén, twee, drie, vier, kom de brand is hier
Neem nu vlug de waterspuit. Spuit het vuur nu maar snel maar uit.
Eén, twee, drie, vier, Kom de brand is hier.

Versjes

De brandweer
Moet je nou eens horen: De allerhoogste toren,
De hoogste toren van het land, Staat in brand, in brand, in brand!
Doe een sprong naar achteren, Doe een sprong naar opzij,
Want de brandweer moet erbij.

De brandweer-olifant
Zeg heb jij het ook gelezen? Het stond in elke krant.
Er woont hier in de dierentuin, Een brandweer-olifant.
En als er ergens brand is, drinkt hij een hele vijver op.
Dan loopt hij vlug de stad in, met een zwaailicht op zijn kop.
Snel rent hij naar een brandje, En met zijn lange snuit,
spuit hij in een ogenblik……… Alle vlammen uit!

Knutselen

Een brandweerauto

  • Verschillende kleuren papier
  • Voorbeeld van een brandweerauto

Laat de kinderen eerst de brandweerauto vouwen van een vierkant vouwblaadje. Maak een ladder van strookjes papier en laat de kinderen de rest er bij tekenen of plakken.

Een kampvuur

  • Zwart, bruin en wit papier
  • Rode en gele verf

Laat de kinderen de voorgetekende vlammen uitknippen en beschilderen met de verf. Als ze droog zijn kunnen ze opgeplakt worden met de zelfgeknipte houtjes er onder.


Een brandweerauto

  • Kartonnen doosjes
  • Gekleurd papier

Maak een driedemensionale brandweerauto of brandend huis van kosteloos materiaal.